#2 Beja, Kassala en vrouwenrechten

15 mei

De jongens van de cafetaria helpen ons aan een lift. Chauffeur Ali rijdt een enorme truck naar Port Soedan, wij liften mee tot Atbara. Vanaf daar missen we de volgende dag de bus naar Kassala. Men zegt ons een dag te wachten, maar we besluiten om een bus naar Haiya te nemen, wat op de kaart een stad lijkt, om vanaf daar op een bus naar Kassala te hopen. Tot onze schrik blijkt Haiya weinig meer te zijn dan een rotonde met een tankstation en een wegrestaurant. Lisa en ik stappen met lichte tegenzin de bus uit en hopen op het beste. Nadat we zo veel mogelijk mensen hebben gevraagd ons te waarschuwen wanneer er een voertuig – ieder voertuig – naar Kassala gaat, gaan we met een liftbordje bij het tankstation zitten. Veel sneller dan verwacht hebben we geluk: een afgeragde stadsbus vol Beja-mannen zal de acht uur naar Kassala rijden. Zij dragen kammen in hun lange kroeshaar, een djelabia-met-gilletje, een zwaard en een boemerang-achtige stok. De bus komt langzaam maar zeker in beweging en we zigzaggen over de slechte weg naar het zuiden. Het landschap verandert van rotswoestijn naar meer begroeide vlakte.

Verkoper: "Dit is een héle goede, je slaat er zo iemand's hoofd mee af!"Af en toe komen we door dorpjes met een tiental kleien huizen en leren tenten, maar overwegend is er niets. Soms knipt één van de passagiers in zijn vingers – het teken uit te willen stappen – om vervolgens trefzeker de leegte in te lopen. Met het vallen van de avond verschijnen hier en daar lichtpuntjes van kampvuurtjes in het niets. Er leven hier mensen. Dat heeft ook mobiele telefoonmaatschappij Zain door, om de zoveel kilometer staat een gigantisch reclamebord.

Uit het niets verschijnt tegen een uur of tien het licht van Kassala aan de horizon. Geen hotel wil ons onderdak bieden: we hebben nog geen registratiebewijs van de lokale veiligheidsdienst. Gelukkig kennen we via-via een Zweeds meisje dat hier lesgeeft, Lykke. Lisa kan bij de vrouwelijke leraressen slapen, en ik mag bij een mannelijke collega logeren. Ömer biedt me zijn bed aan, hij gaat zelf buiten liggen. De volgende dag verkennen we de markt, de Khatmiyya-moskee en probeer ik een zwaard van een Beja te kopen.

Kassala is een geliefde bestemming voor bruidsparen. Met zonsondergang gaan Lisa, Lykke en ik naar een grote rots aan de voet van de bergkam die op Kassala uitkijkt. Behalve geiten en kleurrijke agames, klauteren vooral veel pronkgrage stelletjes over de rotsen. Zonder uitzondering draagt het meisje een flinke laag make-up, kleurrijke kleding en vooral hele hoge hakken. Dat vergemakkelijkt het geklauter niet, maar stelt de jongens wel in staat steeds als reddende held op te treden, wanneer zij weer onderuit dreigt te gaan. Één stel valt op doordat het één man met vier vrouwen is. De vrouwen hebben allen een gelijksoortige burka aan waardoor we even vermoeden dat het hier om een huwelijkstripje met zijn vijven gaat.

Tot vier vrouwen trouwen is in Soedan goed mogelijk – want conform Islam. Het is vooral bij de oudere (rurale) generaties mannen het ideaal om meerdere vrouwen te hebben. Neemt niet weg dat er veel en vakkundig geslijmd wordt. Ik ben in geen land geweest waar zoetsappigere liedteksten of talrijkere romantische geschenkenwinkels waren. Het komt vreemd op mij over. Vooral omdat de vrouw sociaal,  economisch en zelfs juridisch achtergesteld is. Vrouwen worden geacht een hoofddoek zo niet burka te dragen: “omdat de man anders niet in staat zou kunnen zijn om zijn natuurlijke drift te beheersen”. Veel van de onderdrukking gebeurt onder het mom van bescherming. Een goede vader/broer/echtgenoot zorgt ervoor dat zijn dochter/zus/vrouw niet alleen over straat hoeft, anders zou zij in de war kunnen raken of aangerand kunnen worden. Is dat liefde? Wij drieën leveren onze bescheiden bijdrage aan de emancipatie van de vrouw door waterpijp te roken, vrouwen worden niet geacht dat te doen en we hebben dan ook een kring giechelende bewonderaars.

Wanneer we ’s avonds wat gaan eten, lopen we een stel ongure Oekraïense piloten tegen het lijf. Zij vliegen de Ilyushin II-76, een enorm Russisch vrachtvliegtuig. Morgen brengen ze een vracht kamelen van Khartoum naar Sharya. Bij mij gaan bellen rinkelen: de Oekraïense wapenhandelaar Viktor Bout werkte met een vloot Ilyushin II-76’s en Antonovs vanuit Sharya om wapens over het Afrikaanse continent te verspreiden. Deze mannen zouden best eens banden kunnen hebben met de man over wie het boek Merchant of Death en de film Lord of War gemaakt zijn. Ik probeer subtiel wat informatie los te krijgen, maar de mannen hebben vooral oog voor de meisjes en hun fles wodka.

Na een goede nacht nemen Lisa en ik in alle vroegte de bus terug naar huis, Khartoum. Terwijl de bus over de woestijnweg raast, worden afwisselend Soedanese muziekfilmpjes en Amerikaanse en Hongkongse vechtfilms vertoond. Tijdens de zeven uur durende rit worden onze papieren vijf keer door veiligheidsagenten gecontroleerd. Vermoeid maar vol indrukken komen wij thuis, blij wat meer van het land gezien te hebben.

Advertenties

2 Reacties to “#2 Beja, Kassala en vrouwenrechten”

  1. Aart mei 18, 2011 bij 9:04 pm #

    Baard?

    • brunobraak mei 19, 2011 bij 6:07 am #

      Haha. Dat schijnen meer Nederlandse mannen te doen op reis. Was overigens meer een mislukte stoppelbaard dan iets anders. Hoe gaat het met jou?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: